/Taxichauffeur
Tekst - Anthony Statius | Foto - Tom Verbruggen | Herfst 2025 | Leestijd - 3 minuten
Taxichauffeur Yasar Gözüküçück brengt elke dag met een brede glimlach op het gezicht klanten naar hun bestemming in het Gentse of – ver – daarbuiten. “Mijn job voelt meer aan als een hobby”, legt hij z’n immer goed humeur uit.
JOB IN DE KIJKER /
Yasar raakte reeds als kind gepassioneerd door auto’s. Na een opleiding carrosserie werkte de Turkse Belg eerst in enkele autogarages, om vervolgens aan de slag te gaan op de productieafdeling van Volvo Cars in Gent. Op een dag vind je echter de job van je leven en voor Yasar is dat die van taxichauffeur.
“Ik doe deze job sinds januari 2013. Eén van mijn beste vrienden, die al voor V-Tax reed, moedigde mij aan om ook te solliciteren”, legt Yasar uit hoe hij indertijd bij het bekende Gentse taxibedrijf belandde. “Ik rij graag met de auto en ben heel sociaal, dus leek me dat wel iets voor mij.”
Klanten die ervan houden om tijdens hun taxirit een babbeltje te slaan, treffen het met Yasar als chauffeur. “Dat doe ik inderdaad graag. En je kan alles bij mij kwijt. Mensen willen soms al eens hun hart luchten over hun werk, partner of kinderen en niet iedereen heeft de mogelijkheid om dat bij familie of vrienden te doen. Dan ben je als taxichauffeur de ideale gesprekspartner en functioneer je ook een beetje als psycholoog.”
Ontspannen sfeer
Yasar koos er bewust voor om ’s nachts te werken. “Dat biedt allerlei voordelen. Zo zijn er ’s nachts minder files en in een stad als Gent maakt dat een serieus verschil. Maar misschien nog belangrijker is dat klanten die ’s avonds of ’s nachts een taxi nemen veel meer op hun gemak zijn. Overdag moeten mensen dikwijls ergens op tijd geraken of ervaart men om een andere reden stress. ’s Avonds en ’s nachts tref je mensen doorgaans in hun vrije tijd en heerst er een meer ontspannen sfeer.”
“Mensen die ’s avonds of
’s nachts een taxi nemen zijn veel meer op hun gemak.”
Yasar Gözüküçück
Tussen 4 en 5 uur ’s ochtends bieden er zich ook al eens moeilijkere klanten aan, erkent Yasar dat er ook een keerzijde is aan ’s nachts rijden. “Niet iedereen gedraagt zich altijd even respectvol en het is al gebeurd dat een klant het bij aankomst op z’n bestemming op een lopen zet zonder te hebben betaald. Gelukkig weet ik doorgaans onmiddellijk welk vlees ik in de kuip heb. Ik zal trouwens nooit aanvaarden dat een klant niet betaalt. Meestal draait zo iemand snel bij als ik de politie erbij haal.”
380 euro fooi
Het loon dat Yasar opstrijkt, is afhankelijk van het aantal ritten dat hij in de afgelopen maand heeft gereden, maar ook de aard van de gemaakte ritten speelt een rol. “Het starttarief bedraagt 15 euro en de eerste drie kilometer zijn inbegrepen in de prijs. De meeste ritten zijn in Gent en de regio daarrond, maar soms heb ik het ‘geluk’ dat de dispatching mij een rit naar bijvoorbeeld Amsterdam of Parijs toevertrouwd. Op rustige momenten is de Korenmarkt mijn standplaats en later op de avond of ’s nachts vertrek ik dikwijls van aan de Vlasmarkt, in de uitgaansbuurt. 33 procent van de omzet die ik draai, is mijn brutoloon.”
“Toen ik twaalf jaar geleden als taxichauffeur begon en er nog dikwijls met cash geld werd betaald, waren klanten ook nog erg gul met fooien. Op een maand tijd verdiende ik zo tot tweeduizend euro extra. Ooit kreeg ik zelfs 380 euro fooi voor één rit. Helaas zijn de gouden jaren voorbij. Omdat cashbetalingen steeds minder voorkomen, is tien eurocent fooi al meegenomen en ligt mijn fooibedrag op het einde van de maand tegenwoordig ergens tussen 50 en 100 euro.” //
Yasar werkte in het begin tien uur per dag, maar dat lukt hem helaas niet meer. Het gevolg van een zwaar ongeval dat hij in 2014 had. “Toen ik op de Afrikalaan in Gent een verkeerssituatie fout inschatte, werd ik door een andere auto in de flank aangereden. Ik moest door de brandweer worden bevrijd. Mijn sleutelbeen, heup en knie waren gebroken. Ik ben zes jaar buiten strijd geweest. Ontelbare bezoeken aan de kinesist en zes operaties later kon ik vier jaar geleden terug aan de slag, maar langer dan vier uur per dag achter het stuur kruipen, is fysiek te zwaar.”