close

Vraag of opmerking? Laat het ons weten!

Terug naar huidig nummer

DOSSIER ANALYSE REGEERAKKOORD /

Wat betekent regeerakkoord voor pensioen van werknemers?

13 FEbruari 2025 / leestijd 3 minuten

cactus.jpg

Pensioenhervorming

De invoering van de maatregelen is voorzien in 2025, met daarna gespreide inwerkingtreding.

Er is een budget voorzien voor overgangsmaatregelen in samenwerking met de sociale partners.

Men zegt aandacht te geven aan het gecumuleerd effect van maatregelen en de impact nog te laten doorrekenen door het Planbureau voor het armoederisico, gendereffect, …

Langer werken – minder pensioen

Vanaf 1 januari 2027 tellen enkel nog jaren met 156 gewerkte dagen mee als loopbaanjaar.

  • Compensatie voor eerste loopbaanjaar, waar men vaak later start, is nog uit te werken.
  • Behoud recht op vervroegd pensioen voor wie kan in 2025.
  • Vanaf inwerkingtreding in 2025 verlenging loopbaan met:
    • max. 1 jaar extra werken voor wie 60 jaar is of ouder;
    • max. 2 jaar extra werken voor wie 59 jaar is.

Pensioenbonus en -malus vanaf 2026: 2% (tot 2030), 4% (tot 2040), 5% (vanaf 2040) per jaar vervroegde uittrede na/vóór de wettelijke leeftijd indien geen loopbaan van 35 jaar met elk jaar minstens 156 dagen (= halftijds) én 7020 effectief gewerkte dagen (= gemiddeld 200 dagen/35 jaar). Periodes van moederschapsrust, loopbaanonderbreking zorg en geboorteverlof zijn gelijkgesteld.

Minimumpensioen wordt gebaseerd op prestaties in 3 pensioenstelsels samen.

Vervroegd pensioen opnemen wordt moeilijker en financieel sneller afgestraft. De nieuwe optie om op 60 jaar op pensioen te gaan is slechts weggelegd voor zeer beperkt aantal werknemers.

Het behalen van een loopbaanjaar wordt moeilijker voor deeltijdse, zeker voor halftijdse, werknemers En bij een wegvallend loopbaanjaar krijg je minder en kan je pas later op (vervroegd) pensioen. Bij vervroegde pensionering heb je bovendien meer kans op een pensioenmalus, zeker gezien ziekte niet wordt gelijkgesteld als gewerkte periode om de malus te bepalen.

Pensioenrechten ingeperkt

Vermindering gelijkgestelde periodes

  • Vanaf 2027 worden gelijkgestelde periodes die meer dan 40% van de loopbaan uitmaken niet meer meegerekend voor de berekening van de pensioenen. Dit daalt verder met 5% per jaar naar 20% in 2031. Ziekteperiodes en zorgverloven zullen wel nog worden gelijkgesteld .
  • Periodes van brugpensioen (SWT), landingsbaan en werkloosheid na regeerakkoord zullen een lager pensioenbedrag opleveren.

Inperken van rechten

  • Afschaffing gezinsdimensie: geen gezinspensioen (wel behoud bij de minima) echtscheidingspensioen, overlevingspensioen.
  • IGO (inkomensgarantie ouderen) enkel verkrijgbaar na 5 jaar wettelijk verblijf. Meer controle op verblijf in buitenland en beperking toegestane termijnen.

Vervroegd pensioen opnemen word moeilijker en financieel sneller afgestraft. De nieuwe optie om op 60 jaar op pensioen te gaan is slechts weggelegd voor zeer beperkt aantal werknemers.

Het behalen van een loopbaanjaar wordt moeilijker voor deeltijdse, zeker voor halftijdse, werknemers En bij een wegvallend loopbaanjaar krijg je minder en kan je pas later op (vervroegd) pensioen. Bij vervroegde pensionering heb je bovendien meer kans op een pensioenmalus, zeker gezien ziekte niet wordt gelijkgesteld als gewerkte periode om de malus te bepalen.

Aanvullende pensioenen

Men wil voor iedereen, ook contractuelen in de openbare sector een aanvullend pensioen met een bijdrage van 3% tegen 2035. Hierover volgt nog overleg met sectoren.

Er komt een extra solidariteitsbijdrage voor allé aanvullende pensioenen op het kapitaal boven 150.000 euro.

Gelijke aanvullende pensioenen kunnen verschillen tussen werknemers wegwerken, maar de deadline ligt gemakshalve buiten deze legislatuur en is dus fictief. Bovendien is de vraag hoe dit betaald wordt als de lonen niet mogen stijgen. De extra bijdrage op de aanvullende pensioenen heeft geen duidelijke startdatum, gelet op de standstill die vermeld wordt tot eind 2027.

Openbare pensioenen geviseerd

Vanaf 1 januari 2027 gaan alle loopbaanbreuken naar 1/60.

Verlengen van de loopbaan door de afbouw van de verhogingscoëfficiënt naar 1 vanaf 1 januari 2027. Onderwijs en actieve diensten afbouw naar 1,025 vanaf 2027 tot 2031

Navap (eindeloopbaanregeling voor politieambtenaren) wordt herzien om op non activiteit te gaan vanaf 59 jaar. Maximum 2 jaar indien men daarna op vervroegd pensioen kan.

TAVA-systeem (tijdelijke arbeidsongeschiktheidsuitkeringen voor ambtenaren) dooft uit vanaf 1 januari 2026 door stopzetting instroom en dan overstap op verzekering arbeidsongeschiktheid, na overleg met vakbonden.

Het ziektepensioen wordt uitgedoofd.

Het verlof voor verminderde prestaties in onderwijs zal vanaf 1 januari 2026 nog enkel maximum 2 jaar aanneembaar zijn voor pensioenrecht.

De berekening van het pensioen op laatste 10 jaar wordt herrekend naar 45 jaar, met een stap van 1 jaar per jaar, tot 2062.

De invoering van een 2de pensioenpijler voor statutaire ambtenaren, maar pas ‘als pensioen gelijk is aan dat van werknemers’.

De indexering van het wettelijk pensioen wordt beperkt tot bovengrens van werknemerspensioen, en geen indexering van absoluut plafond.

Related articles