close

Vraag of opmerking? Laat het ons weten!

Terug naar huidig nummer

EEN BEGROTING WAARIN JE MEETELT /

"Grote digitale spelers moeten eerlijk bijdragen"

TEKST Bram Van Vaerenbergh / FOTO Shutterstock AI en Michael De Lausnay / 13 MEI 2026 / leestijd 4 minuten

Grotere ondernemingen halen in België enorme inkomsten uit pakweg online verkoop, advertenties, data en platformdiensten. Ze dragen vaak minder bij dan lokale ondernemingen en beconcurreren hen met lagere marges vanuit het buitenland. Fiscaal advocaat Paul Verhaeghe van advocatenkantoor Wanted Law beet zich vast in het onderwerp. “Grote digitale spelers halen meer waarde uit onze economie en veroorzaken bovendien kosten. Zij moeten daarom een minimale bijdrage leveren op die inkomsten.”

U noemt de digitaks zelf een uit de hand gelopen hobby. Waarom houdt u zich er zo intensief mee bezig?

“Dat begon na de verkiezing van Donald Trump in november 2016, een gevreesde ruk naar rechts in Duitsland in 2017 en Marine Le Pen als presidentskandidate in Frankrijk. Nieuwjaar 2017 kwam met pikzwarte gedachten over de democratie. De burger in mij verklaarde dat door angst bij de kiezer: migratie, de demografische en digitale transitie die onze sociale welvaartsstaat bedreigen en de inval in de Krim in 2014. Het temperen van die angsten vergt maatregelen en dus inkomsten. Sinds de toespraak van de Franse president Emmanuel Macron van september 2017, die pleitte voor een belasting op digitale activiteiten, ben ik me daarin gaan verdiepen.”

ronde-foto-paul.png

“Of de grote spelers de Belgische markt gaan verlaten? Ze zullen blaffen, maar niet bijten.”

Paul Verhaeghe, fiscaal advocaat

Hoe moeten we die digitaks bekijken?

“Grote spelers kunnen hun inkomsten heel makkelijk verschuiven via digitale activiteiten. De consument zit in België, de activiteit gebeurt hier, maar de winst wordt vaak elders geboekt. Platformen zoals Uber, streamingdiensten en webshops gebruiken onze wegen, telecomnetwerken, elektriciteit en data, maar hun fiscale bijdrage blijft te beperkt. Een grote speler kan fiscaal optimaliseren met digitale activiteiten en een lokale handelaar of onderneming verdrukken die in hun plaats moet bijdragen aan kosten die deze digitale activiteit hier veroorzaakt.”

Een belasting op digitale activiteiten staat in het regeerakkoord. Waarop wachten we?

“Het regeerakkoord zegt er begin 2027 werk van te maken, bij gebrek aan een internationaal akkoord. Maar dat komt er niet meer. Werk je via een akkoord aan verdragswijzigingen met ratificaties, dan ben je ook snel tien of vijftien jaar verder. En de digitale economie, die wacht niet.”

Dus België kan zo’n belasting perfect zelf invoeren?

“Ja, als je fiscale verdragen niet wijzigt maar ze logisch uitlegt, zonder discriminatie. Je kijkt naar de digitale activiteit in België om een bijdrage te vragen. Die moet dan worden aangegeven en gaat over goederen en diensten die via het internet worden verkocht bij ons. Stel dat we enkel digitale diensten belasten, dan missen we die goederenstromen via het internet.”

En hoe zou dat concreet werken?

“Ondernemingen die drempels van digitale activiteit bij ons overschrijden moeten die activiteit en hun inkomsten daaruit aangeven. De minimale belasting treft zij die meer dan 1,2 miljoen euro digitale omzet hebben in België. Zo beschermen we start-ups en kleinere spelers. Van de grotere spelers vragen we een minimale bijdrage tussen de 2,5 en 6,25% van hun inkomsten. Of ze de Belgische markt gaan verlaten? Voor enkele euro’s belasting per 100 euro omzet gaan die niet vertrekken. Ze zullen blaffen, maar niet bijten.”

Stemmen opperen om gewoon de btw te verhogen op digitale diensten.

“Dan laat je de consument betalen. Een btw-verhoging wordt doorgerekend en tast de koopkracht aan. Kleinere ondernemingen worden nog duurder in de prijzenslag.
De bedoeling is toch dat alle bedrijven eerlijk een minimum bijdragen, niet dat gezinnen met die rekening zitten?”

Over hoeveel geld spreken we?

“Gegevens laten geen exacte raming toe. Maar het potentieel is groot met ongeveer
30 procent van de Belgische economie die digitaal verloopt. Ruw geschat kan die
digitaks tot 1,5 procent van het BBP opbrengen. Ongeveer 10 miljard euro. Al zijn er geen exacte cijfers, één ding is wel duidelijk: het gaat niet om klein geld.”

Tot slot: waarom is zo’n belasting belangrijk?

“Het gaat om werkgelegenheid en investeringen omdat de marges van de lokale ondernemingen minder onder druk komen. En En omdat de financiering van onze sociale zekerheid onder druk staat door vergrijzing, artificiële intelligentie en defensie-uitgaven,… Noem maar op. Met besparingen alleen ondergraven we de koopkracht, de sociale bescherming. Met angstige kiezers dus. Een digitaks brengt meer evenwicht. Wachten tot de hele wereld een consensus heeft bereikt, kan niet meer. België kan nu al stappen zetten door het juridisch slim en eerlijker aan te pakken. Andere landen kunnen dan volgen. Grotere spelers halen met hun digitale activiteiten hier waarde uit onze economie, data, infrastructuur en koopkracht. Dan is het maar normaal dat ze een minimaal maar zeker deel moeten bijdragen.”

Belasting op digitale activiteiten 

310 miljoen euro

Wat stelt het ACV voor?

We pleiten voor de invoering van een minimumbelasting op de omzet die via e-commerce in ons land wordt gegenereerd. Daarnaast pleiten we ook voor de invoering van een heffing op dataverkeer, zodat bedrijven die gebruikmaken van ons digitale netwerk bijdragen aan de financiering van de energietransitie.

Waarom?

De fiscale impact van bedrijven die belasting ontwijken met een digitaal bedrijfsmodel wordt duidelijk geïllustreerd door de verschillen in effectieve belastingtarieven op winsten, zoals de Europese Commissie naar voor bracht in een rapport uit 2018. Dit rapport toonde aanzienlijke verschillen in de gemiddelde belastingtarieven op de winsten van multinationals.

Wat brengt het op?

Een directe belasting op de omzet, zou minimaal 210 miljoen euro per jaar opbrengen. Dat cijfer baseren we op een studie van de Europese Commissie uit 2020. Een indirecte belasting, op de digitale activiteiten (digitale platformen, online advertenties, verkoop van gebruikersgegevens,…) zou naar schatting minimaal 100 miljoen euro kunnen opbrengen. “Onze schattingen zijn voorzichtig omdat niet alle gegevens momenteel al beschikbaar zijn. Onze berekeningen leveren ons een jaarlijks rendement op, maar door Belgische, Europese én internationale beslissingen kan dit nog beter”, zegt Koen Meesters, nationaal secretaris bij het ACV.

Meer artikels over

begroting fiscaliteit

Related articles